Echt vakmanschap

Le fournil Wat geen enkele Nederlandse bakker kan? Stokbrood bakken! Dus de echte Franse baguette. Het is maar behelpen in ons land met die slappe, kleffe hap waarvan Albert Hein c.s. ons wil doen geloven dat het Frans stokbrood is. Maar als je zo gelukkig bent om in Hilversum te wonen, kun je bij Le fournil de Sxe9bastien terecht. Een echte Franse bakker. En zoals het een echte Franse bakker betaamt, blijft het natuurlijk niet bij brood alleen. Madeleines, michettes, fion aux pruneaux, tarte au chocolat. Heerlijk, heerlijk, heerlijk. We willen weer terug naar Hilversum!

Le fournil de

Voorbij

We zijn nu definitief uit Frankrijk vertrokken. Het zat er natuurlijk al een tijdje aan te komen, en inderdaad zijn ze er nu bij Wanadoo France ook achter dat er geen contributiegeld meer van ons binnenkomt. We hadden natuurlijk keurig opgezegd, maar onze Franse website is nog een hele tijd online gebleven. Nu is het dan echt voorbij. Zo gaat dat. Ik zal de link in het schilderij van Marianne weghalen.Page introuvable

Peu malade

Pharmacie Elk dorpje en stadje in Frankrijk van enige importantie heeft een apotheek. In Frankrijk heet dat een pharmacie. Niet te missen door een voortdurend irritant knipperend groen kruis. Dus makkelijk te vinden als je medicijnen nodig hebt. Zoals ik. Medicijnen niet vertalen met medecin, dat is de dokter! Marianne en Hella moesten erop uit om mijn voedselvergiftiging te bestrijden. Want wat was ik ziek! Franse apothekers nemen gelukkig nooit halve maatregelen. Beladen met zware antibiotica, dozen vol 'antibactxe9rien intestinal,' pillen 'contre douleurs et fixe8vre' en 'mxe9topimazine dxe9sagrxe9ation quasi-immxe9diate' (whatever that may be) kwamen ze terug.

Zie je ooit in je vakantie een Fransman zeulen met enorme plastic tassen met een groen kruis erop, dan weet je nu dat hij net naar de pharmacie is geweest. Had ik al verteld dat Frankrijk geen wachtlijsten kent in de gezondheidszorg? Diafuryl

Karakter van de Saarlooswolfhond

RASINFORMATIE SAARLOOSWOLFHONDEN.

Wil je werken met je hond? Neem een Border Collie. Wil je rust? Neem een Labrador. Een hondje om te vertroetelen? Dan is een dwergpoedel misschien wat voor jou. Niks mis mee. Ik bedoel dit. Als je een Saarlooswolfhond wilt, moet je je eerst afvragen of dit ras wel geschikt voor jou is. Of eigenlijk andersom. Ben jij wel geschikt voor een Saarlooswolfhond? Dat moet je je natuurlijk bij elk ras afvragen, maar in dit geval misschien nog iets meer. Een Saarlooswolfhond is alles behalve een makkelijke hond om te houden en om hem aan te schaffen alleen omdat hij zo mooi is, is wel de allerslechtste reden. Ga eerst eens kijken bij een eigenaar, dan pas krijg je een goede indruk hoe deze honden zijn. Bedenk ook dat een Saarlooswolfhond in een mum van tijd je zuinig bij elkaar gespaarde spulletjes kan slopen. In iedere hond schuilt wel een sloper, maar de kracht en – vooral – het uithoudingsvermogen waarmee een volwassen Saarlooswolfhond jouw bankstel kan verwoesten, is werkelijk niet te vergelijken met andere honden. Oppassen dus! Zeker het eerste jaar, als de melktandjes gewisseld worden en de pup opgroeit. Alles in de omgeving wordt dan intensief getest op duurzaamheid. Dit sloopgedrag houdt na de puppytijd vanzelf op, maar dan moet je nog steeds oppassen. Deze honden kunnen namelijk niet lang alleen blijven. Ze willen altijd bij de roedel zijn: dus bij jou! Echt waar, alleen maar bij jou! Nou zal een goed gesocialiseerde SWH zich echt niet zo snel vergrijpen aan jouw bankstel, maar als een hij een hele of halve dag alleen is, zal hij veel stress ontwikkelen. Weet hij veel of de baas terugkomt? Een SWH voelt zich zonder zijn roedel echt reddeloos verloren. En die stress moet afgereageerd worden. Jouw spulletjes liggen dan lettterijk het meest voor de hand! Dat kun je de hond niet aanrekenen. Hij zit nou eenmaal zo in elkaar! Als ze als pup rustig en geduldig getraind worden, kunnen SWH’s, net als andere honden, heus wel een paar uurtjes alleen thuis blijven. Maar het is dierenmishandeling om ze een hele dag eenzaam in een kennel op te sluiten. Daar kunnen ze absoluut niet tegen! Ze kunnen ook moeilijk herplaatst worden in geval van nood, want ze zijn veel teveel aan hun baas gehecht. Soms kan het echt niet anders en dan is het altijd een heel gedoe voordat de hond weer aan een ander baasje is gewend. Daar moet je allemaal over nadenken en rekening mee houden voordat je aan een Saarlooswolfhond begint. En dan nog iets. Aan een Saarlooswolfhond heb je niks! Echt helemaal niks! Het is een zeer onafhankelijke hond en dat is voor veel hondenliefhebbers moeilijk te accepteren. We vinden het heel normaal als een hond gewoon gehoorzaamt als hij iets moet doen. De SWH zit anders in elkaar. Hij is nooit slaafs, de will-to-please die voor sommige rassen zo kenmerkend is, ontbreekt volledig bij de Saarlooswolfhond. Hij vertrouwt altijd en uitsluitend op eigen waarneming en wil zelf de situatie inschatten. Daar doet een echte Saarlooswolfhond geen enkele concessie aan. Als waakhond is hij ook al waardeloos. Bij ongewenst bezoek neemt hij liever de benen! De baas mag het verder zelf opknappen. Die is immers de alfa! Spelen wil hij wel, maar spelen met een volwassen Saarlooswolfhond betekent dat je al snel onder de striemen, schrammen en blauwe plekken zit! Vinden niet veel mensen leuk. Een balletje wordt hooguit 2 keer opgehaald, dan is de lol er wel af. Voor de hond dan. Vind ie gewoon te saai. Bekend bezoek wordt weer zxc3xb3 enthousiast begroet, dat het vaak pijnlijk is. Lomp is een beter woord. - Nee hoor, we hoeven de deur voor onze Saarloosjes nooit open te doen. Dicht wel ja, dat dan weer wel – Vraag je dus in alle eerlijkheid af of dit een hond voor jou is en of je in staat bent om een wolfhond op te voeden en te houden. Het zijn echte handenbinders, te vergelijken met kleine kinderen. Maar als het antwoord volmondig "ja" is, vind je hiernaast de gegevens van fokkers. Is het dan alleen maar kommer en kwel met deze honden? Nee hoor, gelukkig niet! Exc3xa9n ding krijg je van een Saarlooswolfhond in grote hoeveelheden en niet te vergelijken met andere rassen: onvoorstelbare, haast niet te bevatten aanhankelijkheid. En dat zonder ook maar een spoortje slaafsheid of onderdanigheid. Die combinatie van onafhankelijkheid, eigenzinnigheid en aanhankelijkheid maakt een Saarlooswolfhond voor de ware liefhebber zo onweerstaanbaar. Het is een ras om helemaal verslaafd aan te raken en alle eigenaren die wij kennen zijn zonder uitzondering totaal verknocht aan hun honden. Maar liefhebbers van andere rassen zullen hetzelfde van hun hond zeggen en daar hebben zij dan weer volkomen gelijk in.


Land van herkomst: Nederland Schofthoogte: Reuen 65 tot 75 cm, teven 60 tot 70 cm Gewicht: Van 36 tot 45 kg Vachtkleur: Wolfsgrauw, bosbruin en soms crxc3xa8me tot wit Verzorging: Minstens drie xc3xa0 vier maal per dag uitlaten. Naast de normale dagelijkse verzorging zoals goede, complete voeding en schoon drinkwater, moet de vacht regelmatig worden gekamd met een herderharkje, waarbij tevens op vlooien en teken gecontroleerd kan worden. Een hard gekookt ei 1 keer per week is voor de meeste honden een tractatie. Geef eens per 2 weken een groot, beslist ongekookt runderbot om de tanden schoon te houden en een slechte adem te voorkomen. Natuurlijk de jaarlijkse noodzakelijke entingen en wormenkuur bij de dierenarts. In de zomer en herfst een betrouwbaar anti-vlooien en anti-teken middel toedienen. Aard: Een Saarlooswolfhond is zeer aanhankelijk voor de baas, maar schuw voor vreemden. De hond neemt een afwachtende houding aan in onbekende situaties. De Saarlooswolfhond is vriendelijk en zeer betrouwbaar, ook met kinderen. Maar laat nooit een hond, dus ook een Saarlooswolfhond niet, zonder toezicht bij kleine kinderen. Beweging: Als het niet anders kan, zal de Saarlooswolfhond zich aan de situatie aanpassen en kan dan met weinig beweging toe. Maar dit moet een uitzondering zijn. Normaal gesproken moet de hond dagelijks flink kunnen lopen en rennen. Een blokje om is echt niet voldoende.

Wolfhondengedrag

De Saarlooswolfhond is geen hond voor iedereen. Dat is al vaker gezegd. Het is een hond voor de liefhebber die zijn kwaliteiten en beperkingen op juiste waarde weet te schatten. Zo heeft deze hond eigenschappen die nog dicht bij de natuur staan en wie dat weet te waarderen heeft aan de Saarlooswolfhond een kameraad voor het leven. De Saarlooswolfhond is een hond. Weliswaar stroomt er wolvenbloed door z’n aderen, maar het is toch echt een hond. Een aantal aspecten in zijn gedrag komen wel rechtstreeks voort uit zijn voorvader de wolf. Het zo typische vluchtgedrag in onbekende situaties is daar een mooi voorbeeld van. Ook de enorme aanhankelijkheid aan de eigen roedel, zonder welke de Saarlooswolfhond geen gelukkig bestaan kan leiden, komt voort uit de wolf. Wolven zijn zeer sociale dieren.

Zonder zijn eigen roedel voelt de wolf zich eenzaam en verlaten. Dat heeft een zeer practische kant. De strijd om te overleven in de natuur is een stuk moeilijker zonder de roedel. De Saarlooswolfhond heeft dit sterke roedelinstinct rechtstreeks gexc3xabrfd van de wolf. De wolf in hem maakt deze hond ook volkomen ongeschikt als werkhond. Natuurlijk is hem door training wel wat te leren, maar hij zal alleen gehoorzamen uit vrije wil. Want hoewel de Saarlooswolfhond een roedeldier is, beschikt hij ook over een zeer sterke wil. Slaafsheid is hem volkomen vreemd. De baas kan en mag nooit onvoorwaardelijke gehoorzaamheid verwachten. En pakwerk of politiewerk, zoals bij sommige Hollandse of Duitse Herders heel gewoon is, laat zijn karakter al helemaal niet toe. “Het zit er gewoon niet in.” Maar een goed gesocialiseerde Saarlooswolfhond is geen angstige of nerveuze hond. Hij is wel voorzichtig in voor hem onbekende situaties en met onbekende personen. Bij benadering zal hij zich liever terugtrekken, maar er is geen spoortje van agressiviteit!

Met andere honden gaat de Saarlooswolfhond heel goed om. Lichaamstaal is voor hem zeer belangrijk. Hij is als geen ander in staat om andere honden de juiste lichaamstaal te tonen. Hij kan dan ook heel goed samenleven met andere honden in het gezin. Een kenmerk van de meeste Saarlooswolfhonden is dat ze niet veel blaffen, net als wolven. Bij onraad produceren ze een soort onderdrukt “hoestend” geluid. Dit gedrag is heel makkelijk te begrijpen. Als er in de natuur onraad dreigt, is het niet zo slim met veel kabaal te laten weten waar je zit. Onze honden woefen zacht als er iemand aan de poort staat en ze ons daarop opmerkzaam willen maken. We hebben een bel aan de poort, maar die is eigenlijk niet nodig. Er ontgaat ze niets. Als wij met de honden buiten zijn in de tuin, gaat het anders. Onze reu woefte in het begin nog, maar nu we hier alweer een paar jaar wonen, kent hij de situatie goed genoeg, voelt zich zeker in zijn eigen gebied en begint dan ook meteen te blaffen als er onbekend bezoek komt. De Saarlooswolfhond komt voor in twee kleurvarixc3xabteiten die wolfsgrauw en bosbruin worden genoemd. Er komt af en toe een witte varixc3xabteit voor, maar deze wordt doelbewust van de fok uitgesloten. Het is desondanks bijna onmogelijk om deze kleurvariant uit de populatie te fokken. Het gen voor de witte vacht is een recessief gen. Pas als twee dragers van dit gen aan elkaar gepaard worden, komt de witte vachtkleur tevoorschijn. Aan de buitenkant is niet te zien welke hond drager van dit gen is. Het is dus steeds een verrassing als er weer eens een witte Saarlooswolfhond wordt geboren.

onze honden, ondanks duidelijk kleurverschil toch allebei wolfsgrauw

 

Saarlooswolfhondteven zijn vaak maar 1 keer per jaar loops, net als wolvinnen. De loopsheid kan soms vrij lang duren. maar ook hier zijn er weer uitzonderingen op de regel. Ons teefje Shala is twee keer per jaar loops, net als “gewone” honden en haar loopsheid duurt precies 23 dagen. Daar kun je de klok op gelijk zetten. Individuele gedragskenmerken en het uiterlijk van Saarlooswolfhonden kunnen nogal uiteen kunnen lopen, maar allemaal zijn ze sterk op hun roedelgenoten gericht. Sommige eigenaren vinden dat teven meer gericht zijn op de eigen roedel dan reuen. In ons geval is dat niet zo. We hebben een reu en een teef. De reu is veel meer op ons gericht dan de teef. Soms op het idiote af en het kan wat ons betreft dan heus wel een tandje minder.